Rond 1950 begonnen de bewoners die aan de rivier de Mekong in Vietnam woonden met het kweken van pangasius.
Er zwommen al jonge vissen in de rivier. Het enige dat we moesten doen was de vissen te vangen, in drijvende bassins te doen en ze te voeren.
Sinds de start van de aquacultuur in Vietnam is er veel veranderd.
In de Mekong delta is deze werkmethode lang aangehouden. Ook aan het eind van de 20e eeuw werd de pangasius nog steeds in de rivier gekweekt. De methode was kostbaar, de mogelijke risico's en milieu-effecten relatief groot en de productie laag. Vanaf 2000 is deze werkwijze sterk verminderd. Tegenwoordig komt deze manier van aquacultuur nauwelijks meer voor.
Ook de kweekmethode van netten die aangeslibde grond omringen, wordt nauwelijks meer toegepast toen bleek dat de effecten op het milieu onvoldoende te beheersen waren.
In de jaren zeventig werd samen met de Franse wetenschapper Philippe Cacote en de universiteit van CanTho onderzoek gestart naar het kuitschieten van pangasius. Het doel was om een constante voorraad jonge vis beschikbaar te krijgen. Sinds de jaren 90 bleek het mogelijk om in een aquacultuuromgeving met hom en kuit jonge pangasius te kweken. De technologie werd geperfectioneerd en de kweekcondities geoptimaliseerd. Dit was het begin van een enorme groei in de pangasius aquacultuur. .
Werd pangasius vroeger hoofdzakelijk op de plaatselijke markt gekocht door huisvrouwen van het Vietnamese platteland, tegenwoordig vindt de vis haar weg naar consumenten over de hele wereld.